Hotel Garni Gerardushoeve

Met een pendelbusje naar de ‘andere kant’ van het bedrijf

De Gerardushoeve: twee vestigingen, één onderneming

De Gerardushoeve in Heijenrath is op deze vroege morgen één al bedrijvigheid. Op de ruime parkeerplaats van het grote witte hotel stappen gasten in hun auto voor een ritje door het Heuvelland of een dagtocht naar Maastricht, Luik of Aken. Binnen zitten enkele groepjes gezellig onderuitgezakt en keuvelend aan een tafeltje. Er wordt gelachen. Het personeel lacht vrolijk mee.

,,Hier hebben we de hele dag plezier”, stelt eigenaar Huub Lumey trots als hij ons verwelkomt. ,,Het is precies waar we naar streven: dat de gast zich meteen thuis voelt als hij binnenkomt.”

Maar voor we dieper op de geschiedenis van de zaak ingaan, wil hij eerst even iets uitleggen, zegt Lumey. Want anders ontstaat er misschien wat spraakverwarring en die is nergens voor nodig. ,,Je hebt Hotel Gerardushoeve – daar zijn we nu – én je hebt Restaurant Gerardushoeve, even verderop in Epen. Twee afzonderlijke bedrijven, op twee kilometer van elkaar, die onder dezelfde naam opereren en die als één bedrijf naar buiten treden. Hier wordt overnacht en wordt het ontbijt geserveerd. Gasten die in het restaurant wensen lunchen of te dineren, hoeven maar een klein stukje te fietsen of te wandelen voordat ze in Epen aan tafel schuiven. Maar desgewenst zetten we ook een pendelbusje in.”

Beide ‘onderdelen’ van de Gerardushoeve worden gerund door dezelfde familie. ,,Namelijk die van ons”, zegt Lumey. ,,Mijn vrouw Marianne en ik nemen het hotel voor onze rekening, terwijl het panorama-restaurant in Epen wordt geleid door Mariannes broer en diens vrouw Judith.

Twee bedrijven dus, gerund door twee echtparen, waarvan respectievelijk de man en de vrouw de zoon en dochter van de eerste eigenaar zijn. Met hem, Gerard Vaessen, begon het allemaal. ,,Als hij in 1974 niet op het lumineuze idee was gekomen om pannenkoeken te gaan bakken, hadden we al lang niet meer bestaan”, schetst Judith Vaessen een stuk bedrijfsgeschiedenis.

Huub vult aan: ,,In die tijd was de Gerardushoeve nog een pension. Er was destijds nog bijna een wereldreis voor nodig om vanuit de Randstad of het noorden van het land hier te geraken. Voor de gasten die in het pension verbleven, werd uiteraard gekookt. Zodra de bel ging, moest iedereen aan tafel. ‘All inclusive’ in het Heuvelland, zou je kunnen zeggen, maar dan 40 jaar geleden.”

,,Later noemden we onze zaak het hotel-café”, vult Judith aan. ,,Want als toevallige passant ging je destijds niet snel een pension binnen als je iets wilde eten. ‘Restaurant’ mocht de Gerardushoeve zich bij gebrek aan de juiste papieren en erkenningen nog niet noemen, en dus draaide de zaak op een cafévergunning. En in een café mocht je destijds geen maaltijden serveren. Het enige wat we onze gasten mochten voorzetten waren pannenkoeken! Dat was in ieder geval iets. Ondertussen ging ma vijf winters lang naar het noorden van het land om haar horecapapieren te gaan halen.”

 Hotel Gerardushoeve heeft momenteel een gastenbestand van zo’n 13.000 mensen. ,,We kennen ze allemaal”, zegt Huub. ,,Is het niet meteen bij naam, dan toch zeker van gezicht. Veel van die gasten kwamen hier vroeger al met hun ouders. Wij hebben ze als kind zien opgroeien en nu komen ze terug met hun eigen kinderen. Het houdt ons bedrijf jong, want de jongste generatie dwingt ons om mee te gaan met onze tijd.”

Het belangrijkste is dat gasten zich thuis voelen in de Gerardushoeve. ,,Op het moment dat ze hier aankomen om hun vakantie door te brengen, ís het simpelweg hun huis. Je thuis voelen betekent ook dat je hier altijd een bekend gezicht ziet. Dat kan iemand zijn die je kent van vroeger, maar er is ook altijd een familielid aanwezig.”

Er is ook naar gestreefd het warme ‘thuisgevoel’ te laten terugkomen in de kamers van het hotel, zegt Huub. ,,Hotel Gerardushoeve telt 31 kamers met in totaal 77 slaapplaatsen. Geen enkele kamer is bij ons kleiner dan 40 vierkante meter, zodat de gast zich lekker voelt en dat hij niet het idee heeft dat hij zit opgesloten in een krap hotel.”

Wil je de gast écht op zijn gemak stellen, dien je die gedachte ook te laten terugkomen in het eten, legt Judith uit. ,,Lang niet iedereen heeft elke avond trek in vier of vijf gangen. En dus kunnen ze hier een kleinigheid eten. In Epen is het anders: we hebben er een grote keukenmeester staan: de oud-chef van Le Garage in Amsterdam.”

Maatschappelijk verantwoord bezig zijn is ook een begrip bij de Gerardushoeve, zeggen Huub en Judith. ,,We werken met streekproducten, die altijd seizoensgebonden zijn. Daarbij streven we ernaar om al onze ingrediënten te betrekken binnen een straal van 25 kilometer: het brood, het vlees, de groenten maar ook onze wijnen, ze komen zoveel mogelijk uit de buurt.”

De Gerardushoeve doet zijn best om als horecagelegenheid op het gebied van streekwijnen voorop te lopen. ,,We hebben maar liefst 22 Limburgse wijnen op de kaart staan. Judith: ,,Onze eigen huiswijn hebben we laten assembleren bij de Martinushoeve in Vijlen, en paar dorpen verderop. Dit wijnbedrijf staat internationaal hoog aangeschreven. Het is een beetje pionieren: je moet er wel wat voor doen om de mensen aan de Limburgse wijn te krijgen, maar als je ze zover hebt, zijn ze verkocht.”

Aan de medewerkers van zowel het restaurant als het hotel zal het niet liggen. Zij gaan geregeld mee op wijnreis en op excursie, zodat ze weten waar ze het over hebben. ,,Typisch de Gerardushoeve”, aldus Huub. ,,We laten ons personeel altijd mee proeven, zodat ze de beslissingen die wij nemen, kunnen uitdragen naar de gast. Met name dit laatste zorgt voor een soepele bedrijfsvoering. ,,Het klinkt een beetje verwaand, maar ik ken maar weinig bedrijven waar iedereen zo op elkaar is ingespeeld als de Gerardushoeve. Iedereen bij ons heeft aan een half woord genoeg.”